Regionale Initiatieven
De belangrijkste activiteit van de Stichting is de directe ondersteuning van startende ondernemers en ondernemingen, en de doorstart-support aan in de kern gezonde, maar in tijdelijke moeilijkheden verkerende bedrijven in de regio.
Maar de Stichting heeft meer ambities, en heeft daarom meegewerkt aan een aantal regionale initiatieven. In 1996 was zij de initiator van een onderzoek naar knelpunten in de leefbaarheid, uitmondend in het rapport “Brood op de Plank”. Dit rapport gaf oa een duidelijk inzicht in de tekortschietende huisvestings-mogelijkheden voor de regionale bedrijvigheid. Geen cq onvoldoende doorgroei opties op de regionale industrieterreinen. De discussie naar aanleiding van dit rapport heeft geleid tot de initiatief groep “de Springplank”, waarin meerdere werkgevers-geledingen overleg voerden (en voeren) met gemeentebesturen.
Zonder enig oorzakelijk verband met bovengenoemde initiatieven te claimen, constateert de Stichting verheugd dat er anno 2004 goede kansen zijn voor realisatie van het intergemeentelijk industrie terrein oksel A28/50, waardoor het knelpunt ruimte voor bedrijvigheid voor de overzienbare toekomst lijkt te kunnen worden opgelost.
Toen duidelijk was komen vast te staan dat er voor starters weinig of geen op maat gesneden huisvestingsmogelijkheden bleken te bestaan, waardoor starters hun bedrijf niet in onze regio vestigden, maar uitweken naar elders, heeft de Stichting het initiatief genomen tot bouw en exploitatie van een bedrijfsverzamelgebouw in Wapenveld, Dit werd in 1999, met steun van de gemeente en de Rabobank, gerealiseerd. In 2007 opende we een tweede BVG in Wezep, in samenwerking met de gemeente Oldebroek.
De Stichting realiseert zich dat ‘bedrijvigheid’ niet altijd een perceel op een industrie terrein vergt. Onze regio heeft goede recreatie mogelijkheden, maar beperkte voorzieningen. Ook zou kunnen worden gekeken naar mogelijkheden in de moderne kennis economie. De Stichting overweegt om binnenkort een update van het rapport "Brood op de Plank" te doen verzorgen, in de hoop dat dit (wederom) een stimulans en prikkel voor verdere discussie en lange termijn planning voor de regio zou kunnen opleveren.
Tenslotte moet vermeld dat de Stichting ook regionale activiteiten en initiatieven financieel faciliteert. Culturele activiteiten en organisaties die concrete projecten niet op eigen kracht volledig gefinancierd kregen, deden in het verleden met succes een beroep op een subsidie van de Stichting. Binnen het raam van haar financiële polsstok zal de Stichting dit ook in de toekomst blijven doen.